Freek en Frinn

Op mijn achtste kreeg ik mijn eerste cavia: Pluis. Die werd gevolgd door broertje Pluus en halfzusje Vlekje. Na die eerste ronde cavia heb ik een paar jaar hamsters gehad, maar die vond ik toch minder leuk, omdat ze niet zo oud worden en aan het einde heel erg aftakelen.

Op de dag na mijn vijftiende verjaardag kwam Willie in huis en sindsdien heb ik non-stop cavia’s gehad. Ik kan het niet laten, ik ga even alle namen opnoemen, in volgorde van komst: Willie, Ivy, Fleur, Harry, Frodo, Tijger, Frank, Flint, Figo, Farah, Finne, Fidro, Fabin en Fluff. Je ziet dus waar ik over ben gegaan op F-namen. Even had ik zelfs zeven cavia’s, maar ik moet toegeven dat dat wel erg veel was. Meestal had ik er tussen de twee en de vier tegelijkertijd. Ik heb nooit echt een voorkeur gehad voor mannetjes of vrouwtjes, dus de stand is dan ook zo’n beetje gelijk.

 

fabinfluff5

Fluff en Fabin

 

Toen Fluff en Fabin in de eerste week van juni allebei zijn overleden, was dat het eerste moment in zestien (!) jaar, dat ik helemaal geen cavia’s meer had. De eerste dagen wilde ik even helemaal geen cavia’s. Maar dat veranderde al snel. Ik kon niet wennen aan die lege plek in huis, waar hun hokken hadden gestaan.

Ik liep door de supermarkt en de wortels waren in de aanbieding. Ik had al een zak in mijn mandje liggen, toen ik besefte dat ik helemaal geen cavia’s meer had. En dat ik zelf geen kilo wortels ging opeten. Dus de zak ging terug.

Normaal gesproken volgde er een fluitconcert als de koelkast open ging, maar nu bleef het akelig stil. Ik miste zelfs de herrie van als Fluff aan de tralies van zijn hok ging rammelen.

En ik miste het om iets aaibaars en knuffeligs in huis te hebben.

Helemaal huisdierloos was ik nog niet, want ik had de wandelende takken nog. Er kwamen een heleboel eitjes uit in juni, dus ik heb nu een heleboel mini wandelende takjes (nimfen). Maar ja, die zijn niet aaibaar. Ze zijn zelfs zo klein, dat je ze amper op kan pakken zonder ze fijn te knijpen. Van mijn drie grote wandelende takken gingen er ook nog eens twee dood. Nou is dat wel normaal bij wandelende takken: ze leven niet langer dan ongeveer een jaar. Hun primaire doel in het leven is om zich voort te planten en dat hadden ze gedaan. Er is nu nog 1 laatste grote tak over.

In de eerste week van juni werden er ook weer kleine caafjes geboren bij de cavia’s van mijn nicht. Zij heeft een heleboel cavia’s en wel vaker jonkies, waarvan dan schattige foto’s verschijnen op facebook. Of ik interesse had in 1 of 2 baby-caafjes. Ik kreeg foto’s van drie kleine babycaafjes en tja, je bent een Crazy Cavia Lady of niet, ik was totaal verkocht. Het waren alledrie mannetjes, dus ik kon er twee uitkiezen. Beetje zielig voor nummertje drie, maar het hok is te klein voor drie stuks en ik moest ook nog rekening houden met mijn huisgenoten, die niet allemaal even cavia-minded zijn als mij ;>) Ik zag al aan moeder- en vadercavia dat het grote cavia’s gaan worden.

Grappig detail: Mijn allereerste cavia’s Pluis, Pluus en Vlekje kwamen ook al via dezelfde nicht. En Harry ook trouwens, maar dat was later.

Afgelopen weekend heb ik ze opgehaald. Ze heten Freek en Frinn. Qua vacht en kleurverdeling lijken ze gelukkig helemaal niet op Fabin en Fluff. Dat vind ik eigenlijk wel fijn. Het zijn dus broertjes en ik hoop daarom dat ze wel hun hele leven vreedzaam samen in een hok kunnen wonen. De oude kooi, waar Fabin en Fluff aan het begin samen in woonden is dus weer tevoorschijn gekomen en schoon gemaakt. Twee cavia’s samen in een hok, vind ik toch gezelliger van twee losse hokken. En het is ook wel fijn als je ze tegelijkertijd vast kan houden.

IMG-20170702-WA0005

Freek heeft US-Teddyhaar, dat betekend dat hij een soort langer stekelhaar heeft, wat heel zacht aanvoelt. Ik heb nog nooit eerder een cavia met teddyhaar gehad, dus dat is leuk. Hij is overwegend zwart, maar heeft wat donkerbruine vlekken, waaronder een langwerpige op zijn linkerkant.

IMG-20170702-WA0008

Frinn is kleiner dan zijn broer en ziet er ook totaal anders uit: hij is een borstelcavia met lang punkhaar dat echt alle kanten opsteekt. Als je hem aait, gaat het helemaal door de war. Fluff was ook een ruige borstelcavia, maar Frinn is nog veel ruiger. Op sommige plekken is zijn haar zo lang, dat hij wel een beetje een sheltie lijkt. Ik ben benieuwd hoe hij er uitziet als hij volgroeid is. Nu is het net zwabber met oogjes. Hij heeft drie kleuren: zwart – bruin – wit, maar hij heeft meer van de eerste twee kleuren, dan van het wit.

Mijn achternichtjes hebben ze goed handtam gemaakt, dus ze zijn heel aaibaar en knuffelig. Ze moeten nog wel een beetje wennen aan hun nieuwe huis, maar dat komt vast wel goed. Ik zou ook even moeten wennen als ik weggerukt wordt uit een hele groep cavia’s en in een doos wordt gestopt en vervoerd moet worden per auto. Ondertussen lopen ze al voorzichtig wat rondjes door het hok en ze kunnen “wieten” (zo noem ik het fluiten) en ze lusten wortel. Dus het zijn echte cavia’s ;>)

Mijn cavialoosheid heeft dus amper vier weken geduurd…waaruit maar weer blijkt: een leven zonder aaibare huisdieren is niets voor mij.

De foto van Fabin en Fluff is door mijzelf gemaakt. Mijn moeder maakte de foto’s van Freek en Frinn, ze heeft ze nog net niet van mij afgepakt…

 

 

 

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Dieren, Huisdieren en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s