NS-wandeling IJsselvallei, dag 1 (4)

Ik heb mezelf maar liefst 20 NS-wandelingen die ik nog niet eerder heb gedaan ten doel gesteld in mijn Day Zero Project-lijst…what the hell was I thinking when I wrote that… Vandaar dus het cijfer achter de titel van deze blog.

IJsselvallei, dag 1

18 kilometer van station Zutphen, naar station Deventer.

Het was weer eens tijd voor een NS-wandeling en onder invloed van het NS-tijdschrift Spoor, viel mijn keuze op de eerste dag van de eigenlijk tweedaagse wandeling IJsselvallei. Langs de rivier de IJssel, van Zutphen naar Deventer. Het is een eindje met de trein, maar het grote voordeel is dat die trein wel in 1x doorrijdt vanaf Tilburg. Daardoor vond ik de reistijd wel meevallen, ondanks dat ik een compleet boek uitlas in de trein, deze dag.

In Zutphen was ik ooit eerder geweest, tijdens een vakantie met mijn moeder. Maar bij deze wandeling kom je eigenlijk helemaal niet in de stad zelf. Het station ligt aan de rand van de stad en je loopt meteen via een ijzeren brug (waar ik net met de trein overheen was gereden) de stad uit, de uiterwaarden in. Er waren werkzaamheden aan de brug, maar voetgangers, fietsers en treinen mochten er gewoon overheen.

De hele wandeling loopt dus langs de rivier de IJssel, het is dus bijna een rechte route. Overal weidse uitzichten, weinig bebouwing. Veel mooie wolken. Het nadeel op een warme dag (26 graden) als vandaag is dat er ook weinig bomen zijn, dus nauwelijks schaduw – je loopt dus de hele tijd in de volle zon. Een pet en flink wat zonnebrand zijn dus aanraders als je net zo zonne-allergisch bent als ik. En die zonnebrand moet je dan ook op je blote benen smeren, anders verbranden die net zo erg als mijn arme benen.

Soms loop je over fietspaden en moet je de hele tijd opzij springen voor fietsers. Maar er is ook een lang stuk wat speciaal voor wandelaars is en waar je dus ongehinderd door kan lopen. De meeste stukken zijn wel geasfalteerd, op sommige stukken loop je door het gras. Persoonlijk vind ik die afwisseling wel fijn. Het uitzicht veranderd gedurende de tocht niet heel veel – je hebt bijna de hele tijd zicht op de rivier.

Er was ook een kunstroute bezig op dit moment, de IJsselbiënnale en ik vond het Pan-beeld op de stuw bij Nijenbeek wel heel gaaf. Verderop in de route kwam ik ook nog een ander kunstwerk tegen, een soort tetris onder een viaduct, maar dat vond ik niet echt mooi. Als er geen bordje bij had gestaan, dan had ik niet eens gezien dat het om een kunstwerk ging.

Het volgende leuke object op de route was Kasteel Nijenbeek. Nou ja, de toren dan, de donjon. Helaas slechts beperkt open voor publiek, vanwege de zeldzame diersoorten die er nestelen. Maar ook leuk vanuit de verte.

Ik zat even op een bankje in de buurt van het kasteel en toen zag ik ineens een bekende vorm aan de overkant van het weiland. Was dat nou een fietspaddestoel? Je begrijpt dat ik dat nader moest gaan onderzoeken, dus de rust duurde niet zo lang. En jawel, het was inderdaad een ANWB-paddenstoel, dus die moest gewaymarkt worden. Later op de route kwam ik er nog een paar tegen.

Je mag ook kanoën op de IJssel, want ik kwam ook nog kano’s tegen. Dat lijkt me ook nog wel leuk, maar ja, ik zit altijd met een vervoersprobleem als het om kanoën gaat.

Qua caches was deze route niet veel soeps. Er zou een oude multi uit 2002 op de route liggen. Leuk, dacht ik. Het was een offset-multi, dus ik beantwoordde braaf de vraag en ging aan het reken. Bleek de cache bijna 1,5 kilometer terug op de route te liggen. Dat zou dan dus 3 kilometer worden en daar had ik toch even geen zin meer in, in deze extra afstand op een route die toch al 18 kilometer was. Jammer dan, van die oude multi-cache. Je kunt niet alles hebben. Uiteindelijk vond ik nog een cache in Deventer, vlakbij het station. De cache was op zich wel grappig verstopt, maar het paadje er naartoe was net een openbare vuilstortplaats. Waarom maken Nederlanders er toch zo’n troep van overal? Ik begrijp dat niet. We zouden een voorbeeld moeten nemen aan Scandinavische landen, waar dit nauwelijks voorkomt.

Ik was nog nooit echt in Deventer geweest (alleen doorheen gereden met de trein). Je ziet de stad al van verre liggen. Veel oude huizen, maar ook veel lelijke nieuwbouwflats, die de skyline een beetje verpesten. Ik heb nog heel even overwegen om de kerktoren te gaan beklimmen, maar mijn voeten protesteerden tegen de gedachte aan trapklimmen. Dus dat bewaar ik voor een andere keer. Ik wil eigenlijk ook nog een keer naar die beroemde boekenmarkt, maar dat is er ook nog nooit van gekomen. Ik liep de stad binnen over de IJsselbrug. Voor de officiële wandeling moest je eigenlijk gebruik maken van het pontje, iets verderop, maar ik zag vanaf de brug dat de mensen daar rijen dik stonden, dus ik geloofde het wel. Wel grappig was dat ik las dat deze brug is gebruikt voor de verfilming van A bridge to far, de oorlogsfilm. En dat ik twee dagen geleden over de originele brug bij Arnhem ben gefietst.

Goed, mijn voeten deden ondertussen zo’n zeer dat ik verder niet veel meer van Deventer heb gezien en de snelste weg naar het station koos, nog enkel onderbroken door die ene cache. Daarna haalde ik precies de trein naar Tilburg, dus ik hoefde niet te wachten. En ik lag ook nog een heel uur voor op mijn planning, dus was voor de verandering eens vroeg thuis. Jammer alleen dat de airco in de trein het niet deed, dus tegen de tijd dat we in Tilburg waren, was ik zowat weggesmolten. Gelukkig rijden er tussen Tilburg en Oisterwijk tegenwoordig Flirts (die nieuwe sprintertreinen), dus dat was nog wel een leuk ritje (duurt maar 7 minuten).

Foto’s bij deze blog zijn door mij zelf gemaakt. 

Geplaatst in #geocaching, #treinleven, Day Zero Project, Wandelen | Tags: , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Day Zero Project: Done: Doel #22

Aan het einde van het tweede studiejaar van mijn deeltijdstudie Media, Informatie & Communicatie (MIC) kan ik zeggen dat doel #22 van mijn DZP-lijst met succes vervuld is.

Zoals bekend had ik vorig schooljaar nogal wat struggles met het vervullen van het onderdeel Werkervaring, toch goed voor 1/3 van de studiepunten in studiejaar 1, 2 en 3. Dus had ik aan het begin van het studiejaar een telefoongesprek met de werkervaringscoördinator over hoe ik dat in het tweede schooljaar ging oplossen. Ik had daar zelf wel een aantal ideeën over en één daarvan was om enkele vakken van de andere studierichting te volgen. Je kunt in het tweede jaar namelijk kiezen uit twee richtingen: Digitale Media en Archivistiek en ik koos na lang twijfelen voor die laatste (daarover in een later blog meer). Maar eigenlijk vond ik het een heel moeilijke keuze, want bij Digitale Media (DM) zaten ook enkele interessante vakken.

De werkervaringscoördinator vond het volgen van extra vakken van DM een geweldig goed idee en dat zou zeker tellen voor Werkervaring. Wat dan voor mij weer rot was, was dat alle vakken van DM die mij leuk en/of nuttig leken in blok 3 en blok 4 vielen, wat toch al de drukste blokken van het schooljaar zouden zijn. Zelf had ik het idee om Digitale Redactie en Social Media te doen. Enkele docenten vonden Search & Findability (S&F) echter een beter idee. Dus werd het S&F en Social Media. De eerste in blok 3, de andere in blok 4. Ondanks dat ik van beide amper een college heb kunnen bijwonen (want die vielen steeds gelijk met vakken van Archivistiek) heb ik beide vakken gehaald met een 8. Ja, die hoge cijfers brachten we wel sterk aan het twijfelen of ik niet beter voor Digitale Media had kunnen kiezen. En blijkbaar staat het niet (kunnen) bijwonen van colleges dus garant voor hoge cijfers.

Ik zal hieronder iets vertellen over de extra vakken.

Search & Findability

Ik zal heel eerlijk zijn: dit vak was niet echt wat ik er van verwacht had. Ik dacht dat het over o.a. AdWords zou gaan en dat bleek niet zo te zijn. Daarnaast moest je enorm veel voor dit vak doen. Tien uitgebreide opdrachten in een portfolio, twee verslagen van gastcolleges (waarvan ik er eentje niet eens bij kon wonen) en nog een klassikale groepsdiscussie over Google. Dat laatste was een “verjaardagscadeautje”, want die discussie vond plaats op mijn verjaardag. Eigenlijk vond ik die discussie achteraf gezien nog het leukste van dit vak. Verder dus niet veel colleges bij kunnen wonen: ik geloof 2,5, waarvan eentje een gastcollege was van een vrij vreemde snuiter. Alle opdrachten dus zo’n beetje vervuld aan de hand van de sheets en een hoop ge-google. Het kostte veel meer tijd dan ik dacht, ik had niet echt de indruk dat ik er veel van opgestoken had en ik heb dit vak minstens 10x willen laten vallen, als Werkervaring niet bestaan had. Maar uiteindelijk kreeg ik wel een 8,3. Wat ik eigenlijk een beetje onverklaarbaar vond, want ik heb nog nooit zoveel in het luchtledige zitten zwetsen als bij dit portfolio. Maar ik schrijf zo leuk…;>)

Achteraf bezien had ik toch liever Digitale Redactie gedaan. Volgens mijn klasgenoten ging dat namelijk over schrijven. Ik denk dat ik daar meer van geleerd had, dan van S&F. Helaas had ik daar dus geen enkel college van bij kunnen wonen en was vijf vakken in een blok iets te hoog gegrepen. Maar jammer is het wel.

Social Media

Social Media leek mij vooral een interessant vak, vanwege mijn “baan” bij de Vegetariërsbond. Die werden dus ook meteen mijn “slachtoffer” voor mijn social media-analyse. Gelukkig mocht dat ook voor een non-profit organisatie. Had ik weer geluk dus, want dat scheelde de helft van het werk, omdat ik daardoor al een voorsprong had. Van dit vak kon ik slecht twee halve colleges bijwonen. En helaas moest ik ook de excursie missen, die volgens mijn klasgenoten boeiend was. Dus ook hier moest ik het van sheets en vriend google hebben. En van mijn eigen gezwets. Ik vond Social Media trouwens wel een stuk interessanter dan S&F. Toch behaalde ik ook voor dit vak een 7,8. Als ik de colleges bij had kunnen wonen, was het waarschijnlijk nog een hoger cijfer geweest, want ik had nu een paar dingen niet helemaal goed begrepen en een opdracht afgeraffeld. Maar hey, je hoort mij niet klagen over dit cijfer hoor.

Toch miste ik hier opnieuw het AdWords-gedeelte. Blijkbaar gaat dat volgend jaar in het vak Social Media Marketing wel voorbij komen. Dus naar dit vak ben ik wel zeer benieuwd.

 

 

Geplaatst in #deeltijdstuderen, Day Zero Project | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Throwback Thursday: 20 juli 2008

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes

Vandaag gaan we terug naar 20 juli 2008

Op een zomerse dag gingen Anke en ik weer eens cachen bij de Zuiderburen. Het was de dag waarop we onze 100ste Belgische cache vonden en besloten dat we ooit Kilocacher (dan heb je 1000 caches gevonden in een bepaald land) in België wilden worden. Ik moet zeggen: een ambitieus doel, daar we op dat moment nog niet eens Kilocacher waren in ons eigen Nederland ;>)

Het verslag:

  1. Rondje Cacheterlee: Hoge Mauw
  • Maker: De Duvels
  • Type: Multi
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 20 juli 2008
  • Plaats: Kasterlee
  1. Duivels 5
  2. Duivels 3
  • Maker: Speerpunt
  • Type: Traditionals
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 20 juli 2008
  • Plaats: Kasterlee
  1. Rondje Cacheterlee: Molen van Brustele
  • Maker: De Duvels
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 20 juli 2008
  • Plaats: Kasterlee
  1. Ten Aard: grot
  2. Ten Aard: jachthaven
  3. Ten Aard: Daelemansloop
  • Maker: CintaKJK
  • Type: Multi’s
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 20 juli 2008
  • Plaats: Kasterlee
  1. Baron Coppens
  • Maker: TomPetLegend
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 20 juli 2008
  • Plaats: Kasterlee/Tielen
  1. Ten Aard: kerk Kempisch domein
  2. Ten Aard: Hooibeekhoeve
  • Maker: CintaKJK
  • Type: Multi’s
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 20 juli 2008
  • Plaats: Kasterlee/Tielen
  1. Rondje Cacheterlee: kapel OLV in ’t Zand
  2. Rondje Cacheterlee: Hof van Tielen
  3. Rondje Cacheterlee: 3e Bataljon Parachutisten
  • Maker: De Duvels
  • Type: Multi’s
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 20 juli 2008
  • Plaats: Kasterlee/Tielen
  1. De Rovertse Leij
  • Maker: de Stevige Stapper
  • Type: Earthcache
  • Heideroosjes: Maartje en Anke
  • Gevonden op: 20 juli 2008
  • Plaats: Hilvarenbeek

 

Het begon te regenen zodra we de Belgische grens overreden. Dat was niet eerlijk, want er was goed weer voorspeld, volgens Ankes weersite. We besloten om met Magic Cards te beginnen, een multi waarop we bij een vorige poging gestrand waren. Gewapend met de spoilerfoto’s (die hadden we dit keer WEL meegenomen) gingen we op zoek naar de kist met de aanwijzingen op het voorlaatste waypoint. We vonden de kist vrij snel, er bleek een complete kaartentruc in te zitten. Vanwege de regen liepen wij terug naar de auto om de kaartentruc te doen. Dat was nog een heel gedoe en je moest ook nog “magisch poeder” hebben (wij hebben ons natuurlijk kapot gelachen, je moet echt niet met magisch poeder aankomen bij iemand met zo’n grote fantasie als mij). De kaarttruc leek gelukt te zijn, dus wij trotseerden de regen om de cache te gaan zoeken op het berekende coördinaat. Een hoop gezocht, ook nog op een andere mogelijkheid, maar geen cache te bekennen. Balen dus, we moeten ooit nog een keertje terug, want we willen deze cache wel graag op onze found-lijst hebben.

We gingen naar de overkant van de weg om op zoek te gaan naar de Hoge Mauw en de Duivels, die allemaal in hetzelfde stuk bos verstopt lagen. De vorige keer hadden we in de brandende, hete zon ruim een uur naar de Hoge Mauw gezocht en hem niet gevonden. Nu, met de spoilerfoto in de hand, hadden we hem zo te pakken. Helaas was Duivels 4 ook met de spoilerfoto niet te vinden. Omdat er een hoop “cache-holletjes” in de grond rondom de spoilerfoto-boom zaten, dachten we dat hij geript was (wat dus later niet zo bleek te zijn, balen dus). Voor Duivels 3 en Duivels 5 moesten we een stuk lopen. Onderweg begon het opnieuw keihard te regenen. Na een hoop gezoek vonden we duivels in bomen en konden we ze in de stromende regen loggen. Vlug terug naar de auto. Onderweg naar de volgende cache zetten we de verwarming van de auto hoog, zodat onze jassen een beetje konden drogen.

Tegen de tijd dat we voor de tweede keer bij de watermolen van Brustele stonden, was het buiten droog en waren ook wij weer een beetje opgedroogd. Het pluspunt aan de Brustele-cache was, dat het bij een kanovereniging was. Het minpunt was dat we de cache de vorige keer niet hadden kunnen vinden. En ook nu duurde het nog een hele tijd voor we hem eindelijk te pakken hadden. Hij zat namelijk extreem sneaky verstopt. En dan bedoel ik met een doorzichtig, heel dun draadje in een donkere buis waarin je nauwelijks 5 cm diep kan kijken. Met dank aan Anke die 10x in de paal is geklommen en het draadje voelde zitten, konden we deze cache eindelijk loggen. Anke is langer dan ik, dus dit soort dingen moet zij doen.

Hierna gingen we verder met een andere Belgische serie die ik had ontdekt en die in de buurt lag: de Ten Aard-serie. Deze gingen ons een stuk beter af dan de voorgaande series. Het waren allemaal offset-multi’s (of mysteries), dus een vraag beantwoorden op het eerste waypoint en de cache vinden op het tweede waypoint. De eerste lag bij een grote kapel waar de Tielenaren open-lucht-mis hielden. Gelukkig was er geen bezig toen wij aan het zoeken waren. De tweede konden we helaas niet vinden, dat was bij een kapelletje. Het hielp ook niet echt dat we bespioneert werden door een wantrouwige man.

We gingen verder met de jachthaven. Hier zou een boot moeten liggen met een naam erop. Over deze cache was ik erg wantrouwig, ik was namelijk heel bang dat die boot er niet zou liggen en dat we de cache dan niet zouden kunnen vinden. Gelukkig lag de boot er wel en stond de naam er duidelijk op. We moesten een stukje langs de kade van het kanaal lopen om de cache te vinden. Het volgende probleem doemde op, want precies op het 0-punt stonden twee tentjes, van twee vissers. En die mensen lagen in hun tentjes. Ik wilde toch wel die cache hebben. Dus zijn we met een boog om de tentjes heen geslopen en gingen we heel zacht achter de tentjes op zoek naar de cache. Die hadden we gelukkig snel gevonden. We barstten nog net niet in lachen uit, toen we in gebarentaal aan elkaar probeerden te vertellen of we de cache gevonden hadden. Op de terugweg naar het fietspad langs het kanaal zagen de kampeerders ons toch. Dus wij heel droog: “hoi”. We dachten dat ze nu kwaad ofzo zouden worden, maar ze zeiden gewoon “hoi” terug en wij liepen weer terug naar de auto. Toen we de hoek om waren barstten we in lachen uit en vroegen we ons af of er al meer cachers achter die tentjes doorgekropen waren. Tja, geocaching, zo kom je nog eens ergens…

De Daelemansloop was een micro. Omdat we de vorige micro van de Ten Aard-serie niet hadden gevonden, waren we ook bang voor deze. Gelukkig was deze een stuk makkelijker en was dit een meer afgelegen plek, waar geen spionnen of TB’s waren. Na deze volgde het extraatje van de dag: Baron Coppens. Een cache die niets met al de serie had te maken, maar die gewoon in hetzelfde gebied lag. Baron Coppens was dus blijkbaar een of andere baron die in dit gebied heeft gewoond. De man lang in een enorme graftombe, waar een complete familie in had gepast (of hij was een reus). Wij liepen over de grafheuvel, langs de deur van de graftombe en over de randjes, maar de cache zat vrij moeilijk verstopt, in een boom. Gelukkig hebben we hem wel gevonden. Ik geloof dat deze cache een dubbele milestone was: onze 100ste Belgische found en onze 500ste traditional-cache. We besloten hier ter plekke dat we ooit Kilocacher wilden worden in België en dat heette vanaf dat moment “het België-doel”.

Na deze twee afgelegen caches kwamen we weer uit in de bewoonde wereld. We probeerden drie caches door elkaar te doen. Bij de ene kwamen we uit op een soort van jaarmarkt, waar het erg druk en gezellig was, maar wij waar een jaartal moesten hebben, dat achter een stel kraampjes verborgen was. Nadat we dat gevonden hadden, konden we weer terug, over een weg van van die irritante keienkopjes. Ondertussen hadden we ook al een bord gevonden, dat ik erg creatief had nagetekend om inkt te besparen. Op de terugweg konden we alle caches oppikken. We vonden de twee Ten Aards wel, maar de Duckie-cache helaas niet, terwijl die heel makkelijk zou moeten zijn. Geript? Geen idee.

Met Ten Aard waren we nu klaar. Omdat we de Pierenkapel niet gevonden hadden, konden we ook de bonus-cache niet doen. Dat was wel jammer. We besloten om het Rondje Cacheterlee af te gaan maken. We bezochten nog een kapel, een friettent (niet om te cachen, maar om te eten), een heel mooi kasteeltje (de Hof van Tielen), dat helaas privé-bezit was en hebben nog een hele tijd gezocht naast een kinderboerderij, bespioneert door woedende ganzen en nieuwsgierige geiten. Deze cache klopte ook niet echt, dus besloten we alle bomen langs het pad (de hint was -in  de zoveelste boom-) na te kijken. Ik nam de ene kant van het pad en Anke de andere kant. Anke had geluk en vond de cache, net voor hij een frustratie dreigde te worden.

Nu moesten we nog op zoek naar de militaire basis van Tielen. Volgens de cache-beschrijving wist elke Tielenaar waar de basis lag. Ja, dat zal best, maar wij wisten dat niet, wij zijn Nederlanders. We hadden dus ook echt geen coördinaat van die basis. Gelukkig zagen we op een bepaald moment een bordje staan met “militaire basis” erop, dus zijn we die gaan volgen. Nu is de bewegwijzering in Belgie niet echt geweldig, maar uiteindelijk bereikte we de militaire basis. Hier konden we de vraag beantwoorden en de cache vinden. We dachten nu alle Cacheterlee-caches te hebben gevonden en gingen aan het picknicktafeltje de bonus-cache berekenen. Al vlug kwamen we erachter dat we een getal misten. En we hadden vandaag juist zo goed opgelet dat we alle hints overschreven. Was er dan nog een cache? Ja dus. Er was nog een cache in de serie, die ik bij de voorbereiding over het hoofd had gezien omdat alle namen van die caches op elkaar leken, Rielen, Tielen, enz.

We moeten dus nog een keer terug voor de laatste caches en alle bonussen van zowel de Duivel-serie, als de Ten Aard-serie en de Cacheterlee-serie. En voor Magic Cards. We dachten dat dat wel 2009 zou worden.

Het was echter nog vroeg in de avond en nog lang licht, dus wilden we eigenlijk nog verder cachen, maar onze Belgische caches waren op. Wel hadden we nog Grenzen Verleggen bij, onze Baarle-Nassau frustratie. Dus reden we een beetje anders terug naar Nederland om daarmee verder te gaan. Onderweg spotten we nog wel wat Belgische paddestoelen (die hebben we er na deze dag een heleboel bij) maar met Grenzen Verleggen zijn we geen stap verder gekomen, ondanks een wandeling door een drassig gebied (na een fout probeersel) en een hoop rond rijden.

Dan maar naar Hilvarenbeek voor de nieuwste earthcache in onze omgeving: De Rovertse Leij. Dit riviertje hadden we al veel vaker gezien, tijdens andere caches in Hilvarenbeek, in het bijzonder tijdens Gorp en Roovert. We konden de auto ook parkeren op het startpunt van Gorp en Roovert. We wandelden naar het foto-punt. We hadden nog geluk, want de batterijen van het fototoestel begaven het na 1 foto en ik was al door al mijn reserves heen, doordat de GPS de hele dag had aangestaan. De vragen bij al die rivier-earthcaches komen altijd op hetzelfde neer: hoe ontstaan de meanders.

Hierna waren we echt door onze caches heen en gingen we maar eens naar huis.

Wat ik hier op 20 juli 2017 nog aan toe te voegen heb:

Zo, dit is een behoorlijk gedetailleerd verslag voor de beginperiode van het geocachen. De meeste verslagen uit die tijd zijn een stuk korter. Blijkbaar heb ik niet veel foto’s gemaakt die dag, want die kan ik dan weer niet terug vinden.

Door de jaren heen gingen we heel vaak “werken aan het België-doel”. Maar je hebt niet zomaar 1000 caches in een land gevonden, dus het duurde ruim acht jaar, voor we op 2 september 2015 uiteindelijk daadwerkelijk de 1000ste Belgische cache vonden. Je ziet dat ik mezelf dus ook al doelen stelde in 2008 ;>)

 

Geplaatst in #geocaching, Throwback Thursday | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

3-Oog Alien bezoekt Art’h

Ik woon in een decadent dorp genaamd Oisterwijk, Parel in het Groen. Aan de verkeerde kant van de spoorlijn (weliswaar maar een metertje of 100 – maar dat telt hier heel streng), dus niet in een villa.

In dit dorp worden regelmatig kunstfestivals georganiseerd. Eerst heette het Oisterwijk Sculptuur, maar dit jaar kreeg het een andere naam (andere organisatie?), namelijk Art’h. Ja, ik vind dat ook achterlijk geschreven. Art’h is gratis toegankelijk, de kunstwerken staan gewoon midden in het “dorp” (het centrum dus) opgesteld, langs het beroemde trouwlaantje en de eeuwenoude Lindeboom. Ik was er dus al vaak langs gefietst, maar had nog niet de moeite genomen om van dichtbij te gaan kijken. Op de laatste dag ben ik toch nog gegaan, al vroeg in de ochtend, zodat ik foto’s kon maken zonder andere mensen te hinderen. Ik besloot om die foto’s op te leuken met behulp van mijn 3-Oog Alien. Dit is een karakter uit de Disney/Pixar-film Toy Story (en de vervolgen daarop).

De vlag van Art’h, het thema dit jaar was “Me, myself & ik”. Dus. Op de andere foto zie je Stardust van Ronald Westerhuis. Ik vind de dingen die hij maakt wel heel gaaf, beetje fantasy-achtig, met spiegelende onderdelen enzo. Maar ja, zoiets kan ik toch nooit betalen.

3-Oog Alien speelde met “Muis” en “Konijn” van Tom Claassen.

DSC08498

Hier dacht hij dat hij een 5-Oog Alien was geworden. Dat die andere ogen niet echt bij zijn ogen passen, doet er voor hem niet toe. Natuurlijk is dat ook wel kunstzinnig. De ogen zijn onderdeel van een kunstwerk van Robert Combas.

Het spiraal-kunstwerk Eindeloze Deining van Pieter Obels, vond ik ook wel iets hebben. Jammer alleen dat je hier niet echt goede foto’s kon maken, vanwege de achtergrond. Ik zou deze wel midden in een bosachtige omgeving willen zien. Op de andere foto kijkt 3-Oog Alien – hij heeft een obsessie voor ogen – in het oog van een kunstwerk, de kop van een of andere Chinese heerser. Ik ben bij deze het bordje vergeten te fotograferen, dus ik blijf jullie de naam van de kunstenaar schuldig.

DSC08519

3-Oog Alien bemoeide zich ook even met de grondwet, zodat die ook goed aan sluit bij de wensen van wezens from other space. Ik vraag me stiekem af wat Thorbecke van aliens gevonden zou hebben. Het kunstwerk is gemaakt door Emo Verkerk.

3-Oog Alien werd heel erg blij van het kunstwerk Lattice Cube Sequence van Conrad Shawcross. Hij dacht dat het een soort van futuristisch ruimteschip was, waarmee hij naar Pizza Planet (zijn thuisplaneet) kon vliegen. Met de foto linksonder haalde hij die dag nog Oisterwijk Nieuws (je moet ergens beginnen, toch?). Ben benieuwd of zijn verschijning nog extra mensen naar Art’h heeft gelokt.

En toen ontdekte 3-Oog ook nog een compleet nieuwe, glimmende planeet! Die heet Shine en is “ontdekt” door Ronald Westerhuis. Mijn alien was erg onder de indruk van dit kunstwerk, hij wilde zichzelf spiegelen in alle “kraters”.

Bij het kunstwerk van John Isaacs, wilde 3-Oog laten zien dat hij ook best kan wijzen, ondanks dat hij maar drie vingers heeft. En bij het ijdele paard van Theo Schepens keek hij stiekem mee in de spiegel.

Een oudere dame vroeg of “dat grappige poppetje” bij het kunstwerk hoorde. Haha, echt niet, dat is mijn 3-Oog Alien. Die ging gewoon weer mee naar huis.

We bezochten ook nog een galerie, maar de galeriehouder was heel chagrijnig, ik denk dat hij bang was voor een alien-invasie. Dus zijn we vlug weer weg gegaan, ondanks dat er best mooie kunstwerken te zien waren.

Terug aan de andere kant van het spoor, vroeg ik aan 3-Oog Alien wat hij van Art’h vond. Zijn commentaar? “Woohoohoo!”

Alle foto’s bij deze blog zijn door mijzelf gemaakt.

Geplaatst in Maartje doet cultureel | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Day Zero Project: Done: Doel #63

Doel #63 op mijn Day Zero Project-lijst was het bezoeken van het Rapalje Zomerfolk festival.

Dan denk je: een festival bezoeken, dat is toch niet zo ingewikkeld? Kaartje kopen en gaan? Dat klopt, het kaartje kopen was het probleem niet. De kaartjes zijn ook helemaal niet duur. Het probleem is dat het festival plaats vindt in Groningen, de thuishaven van de band Rapalje. Dat is dus helemaal aan de andere kant van het land en met het OV is dat een lange reis. Natuurlijk zou je er kunnen overnachten. Maar als ik in mijn eentje moet, vind ik een overnachting niet zo leuk. En de treinreis naar Groningen kost een fortuin, zelfs met 40% korting. Vorig jaar schafte ik echter een Weekend Vrij abonnement aan. Dus dan zou ik gratis naar Groningen kunnen reizen. Het festival begint pas om 12 uur ’s middags, dus dan zou ik ’s ochtends niet eens extreem vroeg in de trein moeten zitten. ’s Avonds zou het ook allemaal net haalbaar zijn om terug te reizen, in ieder geval tot Tilburg. Het plan om dan dit jaar eindelijk eens naar Zomerfolk te gaan begon dus te borrelen. En uiteindelijk besloot mijn moeder – ook fan van Rapalje – om mee te gaan. Ze scoorde een dagkaart trein, zodat ook zij niet de volle mep hoefde te betalen.

P1120073

Rapalje is een folkrockband. Hoewel ze het begrip folk wel heel breed pakken. Ze zingen in het Nederlands, Engels en Duits. Eigen liedjes, maar ook veel covers van andere bands en van oude Keltische liedjes. Daarnaast bespelen ze allerlei, deels zelfgebouwde instrumenten, zoals de gitouki en de theekistbas. Het zijn vier mannen en ze treden dus op in kilt.

In 2005 heb ik ze voor het eerst gezien, op Castlefest. En door de jaren heen heb ik ze ondertussen heel vaak gezien, omdat ze vaak optreden op het soort festivals waar ik graag heen ga. Daarnaast doen ze ook theatertours en ook daar heb ik er een paar van gezien. Dus je kan wel zeggen dat ik fan ben van Rapalje.

 

P1120077

Rapalje @ Zomerfolk 2017

 

Zomerfolk is het festival dat ze zelf organiseren in het Stadspark van Groningen. Daar was ik ooit al eens eerder geweest, je kunt vast wel raden waarom: geocaching tijdens een vakantie.

Goed, we zaten dus al vroeg in de trein en de heenreis verliep vrij voorspoedig, iets over 12 stapten we uit in Groningen. Je kon lopend naar het Stadspark, dat was ongeveer 20 minuten lopen. Onderweg pikten we nog een geocache op, tja, je hebt een hobby of niet tenslotte.

Bij de ingang van het Stadspark aangekomen, konden we gewoon de massa mensen volgen naar de ingang van het festivalterrein. Er kwamen allerlei soorten mensen op af, van jong tot oud. Sommigen verkleed (veel kilts natuurlijk), anderen niet echt. Zelf was ik half om half (nee, daar krijg je geen foto van te zien ;>), omdat ik niet verkleed in de trein ga zitten. Na de hittegolf in Brabant in de week hiervoor, merkten wij al dat het in het Noorden van het land een stuk kouder was. Het scheelde bijna 5 graden met Oisterwijk. Het was dus niet zo heel warm, ik heb mijn jas niet uitgehad. In de middag ging het ook nog regenen, gelukkig hield dat na een half uur weer op. De koffie en chocolademelk-verkoop steeg explosief tijdens die regenbui. Dus zo kreeg je allemaal mensen in Middeleeuws kostuum, die dan hun hightech outdoor-regenjas aan trokken. Tja, dat hadden ze in de Middeleeuwen natuurlijk niet. Maar ik was toch erg blij met mijn outdoorjas (overigens gewoon de jas die ik overal naartoe draag hoor).

Ze doen op het festival niet aan wegwerpbekers, maar er zijn mooie aardewerken mokken gemaakt met het logo van Rapalje. Die mokken zijn mooi (ja, ik heb de mijne mee naar huis genomen) en het scheelt een hoop rotzooi.

De sfeer op het festival was heel goed, maar dat is altijd wel op dit soort festivals. Geen ruzie of vechtpartijen of voordringen in de rij. Gewoon gezellig.

De optredende bands waren ook prima, de meeste kende ik nog niet. Het optreden van Rapalje zelf was toch wel het leukste. Voor henzelf was de komst van de Dublin Legends het hoogtepunt, maar die vind ik toch wel een beetje rustig. Ik begrijp het sentiment erachter wel, zij zijn toch wel grondleggers van dit genre muziek.

 

P1120104

Dublin Legends

 

Er was ook een grote markt met veel handgemaakte produkten en fantasy-achtige artikelen. Die markt was eigenlijk groter dan ik vantevoren had verwacht. We kochten allebei wat dingetjes. Ook kon je er van alles eten, ook aan vegetarisch eten geen gebrek (maar onder alternatieve mensen zijn opvallend veel vegetariërs). Ik at een gaerlic bread, dat je zelf mocht versieren, was heel lekker, maar lastig opeten zonder bestek, heerlijke kliederboel. En gekruide aardappelwedges. Er was ook heel lekkere (biologische) wijn.

We hebben ons dus prima vermaakt met alles wat er te doen was. Het duurde tot 20 uur, maar mijn moeder begon zich aan het einde toch zorgen te maken over de terugreis, dus zijn we iets eerder weg gegaan.

We zaten om 20.15 uur in de trein. Aanvankelijk ging het prima, tot we in Amersfoort uit de trein werden gezet. Wij zaten daar toen al anderhalf uur in, maar waren nog steeds behoorlijk ver van huis af. Er waren onverwachte werkzaamheden aan het spoor. Er zou nog een sprinter naar Utrecht komen. We hoopten maar dat die trein echt kwam, want vanuit Utrecht zouden we nog wel mogelijkheden hebben om verder te komen. De sprinter kwam, maar we moesten heel hard rennen om de trein naar Den Bosch te halen van de ene kant van het station, naar de andere kant. We haalden hem wel. Ook dit was een sprinter, want er was echt weer van alles loos op het spoor, waardoor er minder intercity’s reden. In die sprinter kwamen we er al achter dat we de laatste trein naar Tilburg gingen missen, vanwege de vertraging die we ondertussen hadden opgelopen. Mijn vader zou ons sowieso al in Tilburg op komen halen, omdat de trein naar Oisterwijk niet zou lukken op dat tijdstip. Nu moest hij naar Den Bosch rijden. Wij waren al lang blij dat we nog zover waren gekomen, want we dachten in Amersfoort echt even dat we daar niet meer weg zouden komen. Tja, dat was dus het einde van een verder erg leuke dag.

Of we nog eens naar Zomerfolk zullen gaan? Wie weet, het was wel erg leuk en gezellig. Maar dan maken we er toch een weekendje van, denk ik, want bijna 7 in de trein op 1 dag is toch wel veel. Verder lijkt Keltfest erg op Zomerfolk en dat is in de Biesbosch, dus toch wat dichterbij dan Groningen.

Maar het DZP-doel is in ieder geval vervuld.

De foto’s bij deze blog zijn door mijn moeder gemaakt. Want ik was vergeten om mijn fototoestel van de oplader af te halen en mijn fossiele telefoon begaf het ook al snel.

 

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Throwback Thursday: 13 juli 2014

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verslag online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes

Vandaag gaan we terug naar 13 juli 2014

De dag waarop ik de 5000ste cache van de Heideroosjes vond. Zonder Anke, want die ging die dag op vakantie. Daar wilden ze ook gaan geocachen, dus het kon geen week meer wachten – daar hadden we wel een overleg over gehad. Bij gebrek aan Anke nam ik mijn moeder mee op pad.

Het verslag

  1. Buitengebied Breda trail #24
  2. Buitengebied Breda trail #23
  3. Buitengebied Breda trail #22
  4. Buitengebied Breda trail #21
  5. Buitengebied Breda trail #20
  6. Buitengebied Breda trail #19
  7. Buitengebied Breda trail #18
  8. Buitengebied Breda trail #17
  9. Buitengebied Breda trail #16
  10. Buitengebied Breda trail #15
  11. Buitengebied Breda trail #14
  12. Buitengebied Breda trail #13
  13. Buitengebied Breda trail #12
  14. Buitengebied Breda trail #11
  15. Buitengebied Breda trail #10
  16. Buitengebied Breda trail #9
  17. Buitengebied Breda trail #8
  18. Buitengebied Breda trail #7
  19. Buitengebied Breda trail #6
  20. Buitengebied Breda trail #5
  21. Buitengebied Breda trail #4
  22. Buitengebied Breda trail #3
  23. Buitengebied Breda trail #2
  24. Buitengebied Breda trail #1
  • Maker: JenR
  • Type: Traditionals
  • Heideroosjes: Maartje
  • HaJaMaToJo: Hannie
  • Gevonden op: 13 juli 2014
  • Plaats: Breda
  1. GVB
  • Maker: TukTukFamily
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje
  • HaJaMaToJo: Hannie
  • Gevonden op: 13 juli 2014
  • Plaats: Breda
  1. Met stip op de kaart…Ter Aalst
  • Maker: Bitte ein Bit
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje
  • HaJaMaToJo: Hannie
  • Gevonden op: 13 juli 2014
  • Plaats: Ter Aalst
  1. Lorre’s zomerhuisje
  • Maker: Julesjwa
  • Type: Traditional
  • Heideroosjes: Maartje
  • HaJaMaToJo: Hannie
  • Gevonden op: 13 juli 2014
  • Plaats: Breda

De weersvoorspelling was niet echt denderend, er moesten nog 27 caches gevonden worden, wat best veel is, Anke was er niet bij, want die ging deze dag met Guy op vakantie naar Drenthe, maar ik moest en zou vandaag de 5000ste vinden.

Mijn moeder wilde wel mee en dat kwam goed uit, want dan konden we met de auto van mijn ouders. Het buitengebied van Breda is toch echt te ver fietsen. We gingen dus al vrij vroeg op pad, maar aangekomen op de parkeerplaats bij camping de Meerberg bleken we niet de eerste te zijn, het stond er al vol met geocaching-auto’s en busjes, te herkennen aan de travelbugstickers. Ik was al eerder op camping de Meerberg geweest om het daar aanwezige travelbug-hotel te loggen, dat was op 28 juli 2011, bijna 3 jaar geleden dus, toen ik de BHW-serie van de GeoFlowers fietste, die is nu helaas gearchiveerd. Ik maakte toen een omweg over de zandpaden waaraan nu een deel van deze trail ligt voor een extra found. Wel leuk dat de TB-camping er nog net zo uitzag als toen. Mijn moeder kon hem nu wel loggen, voor een extra puntje.

We wachtten in de auto tot de cachers voor ons wegfietsten en zijn toen zelf in tegengestelde richting gaan lopen, we begonnen dus bij nummertje 24. De caches waren niet moeilijk verstopt en lagen allemaal keurig op het 0-punt. Een enkeling was wel origineel verstopt, vooral die ene die je met behulp van een rolmaat en een stok met een haak uit een boom moest halen, was erg leuk. Er was ook nog ergens een put waar je een heel lang touw uit moest halen. Blijkbaar waren wij de enigen die in tegengestelde richting liepen, want we kwamen wel een paar keer andere geocachers tegen, maar werden niet achtervolgd. Dat zoekt wel zo lekker. Want dat achter elkaar aanlopen vind ik wel altijd het nadeel van een pas online gekomen trail. Maar ja, de cachers komen er als vliegen op de stroop op af, mezelf inclusief. Want ja, eigenlijk ben ik ook gewoon een vuile puntjesjager. Er waren best veel mensen die de trail gingen fietsen. Voor de helft kon dat ook prima, maar het idee dat je je fiets door de tweede helft moest heenslepen, vonden wij niet aantrekkelijk.

Het weer was heel bewolkt en dreigend, maar we hielden het lange tijd droog. Tot we het struingedeelte van de trail ingingen, toen begon het dus te regenen. Het ging steeds harder regenen en al snel lekten mijn schoenen door. Er zitten in beide schoenen vrij grote gaten op de naad, ik moet eigenlijk nieuwe aanschaffen. Omdat we door hoog gras moesten struinen, kroop het vocht langs onze spijkerbroeken omhoog, aan het einde was mijn broek tot aan mijn knieën zeiknat. Ik was nog zo slim geweest om mijn jas aan te trekken, dus daardoor bleef mijn bovenlichaam wel droog, maar mijn moeder had alleen een poncho bij. Daar in dat struingebied, toen het steeds harder regende en het gras steeds hoger werd, vroegen wij ons wel even af waarom we dit nou zo’n geweldige hobby vonden. In fact waren we tenslotte plastic bakjes met troep aan het zoeken in de stromende regen.

Maar ja, ik wilde heel graag die #5000 en mijn moeder had net haar #1400 gelogd, dus echt erg vonden we het niet eens. Aan het einde kwamen we nog wel de koeien in het gebied tegen, dat was wel weer leuk. Ondanks het rotweer was de tweede helft van de trail wel veel mooier dan de eerste helft. Die liep maar over saaie, rechttoe, rechtaan zandpaden, zo’n struingebied is wel leuker.  We vonden netjes alle 24 de caches. De laatste twee lagen gewoon langs de weg waar de auto’s nogal hard reden, dus dat vonden we toch iets minder.

Terug gekomen bij de auto kwam ik nog 3 caches tekort voor de #5000 en dat getal lokte nu wel heel erg. Dus reden we terug naar de enorme golfbaan waar we al langs waren gewandeld om de cache GVB te loggen. Die lag in het bos naast de golfbaan.

Nu moest ik nog twee caches voor de #5000. Eerst reden we naar het middelpunt van het gehucht Ter Aalst. Ik herkende de Teraalsterbrug, daar lag vroeger ook een cache. Ter Aalst zelf is nog veel kleiner dan Heukelom, we telden maar drie boerderijen. De cache was snel gevonden. Ik had eigenlijk nog maar 1 cache in mijn GPS staan en die heette Lorres zomerhuisje. Ik dacht eerst dat het een voortuincache was, maar dat bleek toch niet zo te zijn. Gelukkig, want dat had ik wel een beetje teleurstellend gevonden als #5000. Het was even zoeken naar de juiste toegangsroute naar Lorres zomerhuisje. We reden zover mogelijk met de auto over een zandpad rondom een zandafgraving, genaamd de Put van Caron. Daarna nog een paar honderd meter lopen.  De cache bleek een vogelhuisje te zijn. Logisch eigenlijk, Lorre is natuurlijk een vogel. En er moest dus in de boom geklommen worden.

Ik bereikte het vogelhuisje en daar was het logboek en met mijn armen om de tak geklemd logde ik triomfantelijk de 5000ste cache! Toch wel gaaf hoor, dit was de afgelopen tijd wel echt mijn doel en dan is het leuk om het te bereiken, ook al was het dan niet helemaal op de gewenste manier (een mooi multi samen met Anke).

5000log

Terug op de grond ging er natuurlijk een bericht naar Anke. Zij en Guy hadden onderweg naar hun vakantie-adres ook alweer vier caches gelogd, dus het nieuwe duizendtal was ook alweer onderweg.

Wat ik hier op 13 juli 2017 nog aan toe te voegen heb:

Tja, die 5000ste was wel een dingetje. Eigenlijk wil je zo’n milestone met je team compleet doen, maar goed, het kwam nu zo niet uit en later maakte het ook niet echt meer uit.

Mijn moeder en ik hebben een abonnement op clusterregenbuien tijdens onze geocaching-uitjes. Je wilt niet weten hoe vaak wij al zo’n regenbui over ons heen hebben gehad. En toch blijven we deze hobby uitoefenen.

5000logo

 

Geplaatst in #geocaching, Throwback Thursday | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Boekenplank: Wat las ik in juni 2017?

In juni las ik vijf boeken, allemaal niet zo’n heel dikke boeken.

De Scharlakenrode Kroon – Cinda Williams Chima 

Dit is het vierde en laatste boek van de Zwarte Kunst-serie. Het was al even geleden dat ik de eerste drie boeken heb gelezen, maar ik zat alweer vrij vlug in de (vreemde) wereld. De hele serie gaat eigenlijk over hoe totaal verschillende volken elkaar bevechten in een bepaald land. Hoe al die volken in dezelfde wereld terecht zijn gekomen is vrij wonderlijk. Er zijn ook nog goden en magie. Nou ja, het is dus behoorlijk fantasy. Wel leest het heel lekker weg en ik vind de meeste personages wel ok.

Dochter van het Keizerrijk – Raymond E. Feist

Toen ik een jaar of 17, 18 was, heb ik alles wat er maar te krijgen was van Raymond E. Feist gelezen. Een avontuurlijke vorm van fantasy, die fijn weg las. Ik had me toen al voorgenomen om zijn boeken ooit nog te herlezen en daar ben ik nu mee begonnen. Vrijwel alle boeken spelen zich af op de wereld Midkemia. Die zijn via een magische scheuring (ja, het is fantasy) in oorlog met een andere wereld, genaamd Kelewan. De Keizerrijk-trilogie speelt zich af op Kelewan. Het volk, de Tsurani, wat hier leeft en hun leeftstijl doet erg Aziatisch aan, inclusief Japanse erecodes enzo. Voor mij als westerling is hun cultuur soms volkomen gestoord. Het boek heeft ook wel een soort van sprookjesachtergrond. Hoofdpersoon Mara is namelijk een van de weinige machtige vrouwen op haar wereld. Zij wordt als 17-jarig meisje hoofd van haar familie, omdat haar vader en broer tegelijkertijd sneuvelen in een veldslag op de andere wereld. Ook haar moeder is al overleden. Mara blijkt veel talent te hebben en klimt snel op in het “Spel van de Raad”. Soms denk je dus wel van: ja, ja is zij nou zo slim of zijn al die mannen zo stom? Maar het leest nog steeds erg lekker weg, dat wel. Ik wist ook niet meer alles precies, dus het is wel leuk om het weer te lezen. Ondertussen ben ik ook alweer halverwege deel 2.

Het negende schrift van Maya – Isabel Allende

Pfft, het boek heeft een verhaallijn die me maar net genoeg boeide om het uit te lezen. Ik kon de keuzes die Maya in haar leven had gemaakt niet altijd goed begrijpen. Ja, haar familie was een vreemde samenstelling. Ja, je kunt een opstandige tiener zijn. Maar om je dan maar op drank, drugs en seks te storten? Ik vond die zwakheid uit haar recente verleden vreemd afsteken tegen de sterkte die ze ineens vertoonde toen ze naar een afgelegen eiland werd verbannen door haar grootmoeder. Omdat Maya de ik-persoon is, valt de verhaallijn van de man waar ze logeert, daar tegen weg, terwijl wat hij heeft meegemaakt ook heel heftig is. Ik denk dus dat het fijner  lezen was geweest als er afwisselende hoofstukken vanuit het perspectief van beide personages waren geweest. Ik heb al eerder boeken van Isabel Allende gelezen, maar op de een of andere manier pakken ze me nooit volledig in.

Hof van Mist en Woede – Sarah J. Maas

Het vervolg op Hof van Doorns en Rozen, wat ik vorige maand las. Dat had een vrij gesloten einde, dus ik vroeg me af hoe ze nog twee boeken ging vullen. Nou, ik kan zeggen dat dit boek de hele wereld laat daveren. Af en toe vond ik het een beetje over the top, maar het zit boordevol actie en leest heel lekker weg. Deel 3 is ondertussen ook verschenen, dus ik hoop dat de bibliotheek die vlug aanschaft, want ik ben best benieuwd hoe het allemaal af gaat lopen.

Onder de Adelaar – Simon Scarrow

Na al die fantasy was het weer eens tijd voor een historisch boek. Over de Romeinen. Het is een hele serie, dus ik kan nog even vooruit. Dit is het eerste boek, waarin hoofdpersonen Makro en Cato elkaar leren kennen. Ondanks dat er best veel wordt uitgelegd in de boeken – bijv. over de legerstructuur van de Romeinen – leest het heel snel weg en is het best interessant.

De foto bij deze blog is van de boekenmuur in het Kinderboekenmuseum in Den Haag. De afbeeldingen van de kaften komen van Hebban.

Geplaatst in Boeken | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen